Poepballon

Om maar met een duur woord te beginnen: ‘ik sta daar ambivalent tegenover.’ Aan de ene kant wil ik het wel en aan de andere kant weer niet. In kranten noemt men een slaaf steevast ‘een tot slaaf gemaakte’. Ik vermoed dat ‘tot slaaf gemaakte’ alleen in geschreven teksten voorkomt.

Stel je voor dat je het in een discussie over Jozef – de zoon van Jacob – hebt: ‘en Jozef werd als slaaf verkocht aan een Egyptenaar die Potifar heette.’ Ik ben ervan overtuigd dat niemand in dat geval over ‘een tot slaaf gemaakte’ zal spreken. Volgens mij geldt hetzelfde voor ‘blanke’. Blanke wekt bepaalde associaties op en die zouden wel eens discriminerend kunnen zijn voor zwarten. Ik ga niet demonstreren tegen het modieuze afschaffen van slaaf en blanke: ik wis ze gewoon niet uit mijn vocabulaire.

Ik zei ‘ambivalent’. In Utrecht pleit men ervoor op straat groeiend onkruid een andere naam te geven: stoepplantjes; daar heb ik geen moeite mee. In een artikel van de Hortus Botanicus schreef een bioloog ooit over de her en der op straat groeiende plantjes die heel bijzonder kunnen zijn; hij noemde het geen onkruid, nee, het werden stoepplantjes. Sinds ik het artikel heb gelezen, kijk ik altijd of ik in de Dorpsstraat nog van die ijzervreters kan waarnemen: plantjes die zich letterlijk aan beton, stenen en straatvuil ontworstelen. Orde moet er zijn, maar soms denk ik: laat die asfaltbrigade nog maar even staan. En datzelfde geldt – voor mij althans – voor de bermen. Om op al die doorzetters het etiket ‘onkruid’ te plakken…

Teneinde vervelende associaties te ontlopen, gebruiken we vaak woorden die aan een vreemde taal ontleend zijn. Als we geteisterd worden door een bepaalde vorm van kanker raadplegen we een oncoloog. Dat geldt trouwens ook voor het tegenovergestelde: in plaats van associaties te ontlopen, leggen we het er dik bovenop. Iemand die wel eens gebruik maakt van een escort lady, noemen we plompverloren een hoerenloper.

Ik denk echter vaak dat de meeste nieuwe woorden ‘gemaakt’ worden uit een zucht naar taalefficiency. Lange en misschien wel genuanceerde(re) woordgroepen vervangen we kort en bondig door één woord dat de woordgroep kernachtig samenvat.

De Noord-Koreanen stuurden ballonnen met viezigheid via de heersende windrichting naar Zuid-Korea. (Hoe verzin je zoiets!) En via het nieuws hoorde ik over ‘ballonnen met uitwerpselen’… Even dacht ik ‘ballonen met fecaliën te horen, maar dat ging de nieuwslezer net iets te ver. In de krant las ik over ‘poepballonnen’ en ik dacht: dat is én compact én helder! Iedereen begrijpt onmiddellijk wat er aan de hand is.

Taal… we kunnen er wat mee. We kunnen er mensen mee naar de ratsmodee helpen, maar we kunnen er ook mensen mee op een podium plaatsen terwijl ze die plaats eigenlijk niet verdiend hebben. Dat laatste komt vaak voor in politieke discussies: stuitende beslissingen worden niet zelden zó besproken dat ze – ondanks alles – aantrekkelijk voorkomen.

De formatie is bijna rond, de Europese verkiezingen komen eraan! Let op het taalgebruik van de kandidaten. En wees ervan overtuigd: we hebben allemaal een gek onder onze jas, maar de een kan hem beter verbergen dan de ander!

Wist

Advertenties